Ruinart is een champagnehuis uit Reims dat werd opgericht op 1 september 1729 door Nicolas Ruinart. Het is het oudste champagnehuis. Het huis is sinds 1768 gelegen aan 4 rue des Crayères op de heuvel van Saint-Nicaise in Reims, departement Marne (regio Grand Est) in Frankrijk.
Het huis is gekend als een Chardonnay-huis. Sinds 1987 maakt Ruinart deel uit van de luxegoederenholding LVMH (Louis Vuitton Moët Hennessy). Sinds 2015 zijn de kelders van het huis een onderdeel van het UNESCO-werelderfgoed “Heuvels, huizen en kelders van de Champagne”. In oktober 2024 werd het nieuwe bezoekerscentrum geopend met de omliggende tuin met kunstwerken.
Naam en logo
Het champagnehuis droeg aanvankelijk de naam Ruinart, Père et Fils. Pas later werd de merknaam vereenvoudigd tot Ruinart. In de gehele geschiedenis van het huis werd het logo slechts éénmaal aangepast, met behoud van zijn historische identiteit.
Oud logo Het oorspronkelijke logo bestond uit de merknaam in gotische stijl uit de 18e eeuw, met een sierlijk en aristocratisch lettertype dat de charme van de Middeleeuwen opriep. Kenmerkend waren de naaldvormige uiteinden, geometrische rondingen, schuine sneden en een delicate verbinding tussen brede letteronderdelen. Het geheel oogde streng en verfijnd, met een excentrieke elegantie.
Het grafisch embleem was een klassiek wapenschild, vastgehouden door twee gekroonde leeuwen. Het schild toonde een wilde roos, twee sterren en een hart – symbolen van koninklijke macht en traditie. Boven het schild stond het oprichtingsjaar, onderaan de slagzin: “Het eerste gevestigde champagnehuis”.
Nieuw logo Het nieuwe logo, ontworpen door het bureau Pierre Kertz, werd gemoderniseerd met behoud van de historische elementen. De merknaam wordt weergegeven in grotere, duidelijkere letters in het speciaal ontwikkelde lettertype Ruinart Gothic, een latinisering van gotische typografie met een verfijnde, elegante uitstraling.
De nieuwe slogan luidt “La plus ancienne maison de champagne” (Het oudste champagnehuis). Het wapenschild werd vereenvoudigd en verkleind, met strakkere lijnen voor de leeuwen, kroon en schild. Het oprichtingsjaar verhuisde van boven naar onder en werd horizontaal gepositioneerd.
De visuele stijl werd lichter en moderner, met een luxe-uitstraling in zachte goudtinten. Waar voorheen een goud-bruine kleur overheerste, bestaat het huidige kleurenpalet uit lichtere goudkleur, wit en diepgrijs tot bijna zwart.
Geschiedenis
De oorsprong van dit champagnemerk ligt bij de Benedictijn Dom Thierry Ruinart, vertrouweling van de uitvinder van de sprankelende champagne Dom Pérignon, en diens neef Nicolas Ruinart. Thierry Ruinart leefde in de abdij van Hautvillers waar het proces voor de fabricage van sprankelende champagne werd ontdekt. Het champagnehuis Ruinart werd op 1 september 1729 gesticht en is daarmee het oudste nog bestaande champagnehuis.Gert Crum Nicolas Ruinart was textielhandelaar.In 1735 verliet Ruinart de textielindustrie om zich te concentreren op de bloeiende champagnehandel. Dit werd Nicolas' enige bezigheid en de groei was exponentieel – met 170 verkochte flessen in 1730, 3000 flessen in 1731, 36.000 in 1761.
In 1764 richtte Claude Ruinart het bedrijf Ruinart Père et Fils op en liet tegelijkertijd gebouwen bouwen op de locatie van voormalige Gallo-Romeinse krijtgroeven, die in 1931 op de monumentenlijst werden geplaatst.
De productie steeg van 100.000 flessen in 1849 tot 350.000 in 1947.
In 1906 werd de Ruinart Père & Fils Aviation Prize door André Ruinart ingesteld ter bekroning van de eerste vliegenier die het Kanaal tussen Frankrijk en Engeland overstak. Jacques Lesseps, volbracht deze prestatie op 21 mei 1910. Op 2 juni 1910 stak Charles Stewart Rolls met succes het Kanaal over in een Wright-vliegtuig. Ter ere van dit dubbele succes liet André Ruinart twee privépostzegels (zonder nominale waarde) uitgeven, elk met een afbeelding van het vliegtuig dat over het Kanaal vloog.
Het bedrijf werd tot na de Tweede Wereldoorlog door een lid van de familie Ruinart geleid. In 1949 werd Bertrand Mure directeur. Om het bedrijf beter te kunnen financieren ging hij een overeenkomst aan met baron Phillipe de Rothschild. De eigenaar van Château Mouton-Rothschild bij Bordeaux verwierf de helft van de aandelen van Ruinart. De leiding bleef in handen van Bertrand Mure.
In de jaren 1949-1963 verviervoudigde de omzet, maar de kapitaalbehoefte van Ruinart was groter dan het bedrag dat de baron wenste te investeren. Hij gaf de prioriteit aan zijn bezit bij Bordeaux en wenste zijn champagnebelangen te verkopen.
In 1963 verwierf Moët & Chandon tachtig procent van de aandelen. Bertrand Mure werd in 1973, na volledige samenvoeging van de bedrijven, directeur van de groep Moët-Mercier-Ruinart. Rond 1980 werd een nieuw magazijn gebouwd voor de etikettering en verpakking van flessen.
Sinds 1987 is Ruinart een onderdeel van de LVMH- holding (Louis Vuitton Moët Hennessy), een groot bedrijf dat in luxe producten is gespecialiseerd, ook dit eerste en dus oudste champagnehuis. De LVMH-holding bezit nog een ander aantal champagne-ondernemingen, namelijk Veuve Clicquot en Mercier. Vanwege het bezit van deze grote en beroemde champagnehuizen, verdient de holding aan elke vierde fles champagne die verkocht wordt.
In juni 2022 wordt ter gelegenheid van het aftellen naar het 300-jarig bestaan onthult Maison Ruinart "Habitats", een landschapskunstwerk van de Duitse kunstenaar Nils-Udo, in het hart van de Taissy-wijngaard. Het werk maakt deel uit van een breder wijnbosbouwproject uit 2021, waarbij meer dan 12.000 bomen en struiken in de Taissy-wijngaard zijn geplant. Een jaar later werpt dit werk aan de ontwikkeling van het milieu zijn vruchten af: er zijn zo'n zestig soorten geregistreerd op het Taissy-terrein, waaronder 29 beschermde soorten en 18 erfgoedsoorten.
Champagnes thumb|Fles Ruinart Brut Milliésimé 2005
Ieder champagnehuis heeft een eigen stijl. Bij Ruinart is dat die van een "Maison chardonnay". Dat is bijzonder want Ruinart is in Reims gevestigd waar de nadruk op de verwerking van pinot noir van de Montagne de Reims ligt. Ruinart is een champagne met een groot aandeel chardonnay zoals dat bij de huizen in Épernay gebruikelijk is. Deze champagnehuizen kopen of oogsten de druiven van de Côte des Blancs bij Épernay.
De vijf cuvées bevatten een oplopend gehalte chardonnay:Neil Becket, 1001 wines you must try before you die. Uitgeverij Quintessence 2008. Blz. 356 e.v. R de Ruinart Brut bevat 45 tot 50% chardonnay. Ruinart Blanc de Blancs is uitsluitend uit chardonnay geassembleerd (de Franse naam betekent "wit uit wit" en verwijst naar een witte sprankelende wijn uit witte druiven met helder most) en werd ongeveer drie jaar gelagerd. R de Ruinart Brut Millésime bevat meer dan 50% chardonnay en is gemaakt van druiven uit één bepaald jaar. Dom Ruinart, de kostbare "Cuvée de prestige" van het huis, is uitsluitend uit chardonnay geassembleerd. Het is een "blanc de blancs".
De twee roséchampagnes van Ruinart worden, om de kleur, gedeeltelijk uit de blauwe druiven van de rassen pinot noir en pinot meunier geassembleerd. R de Ruinart Brut Rosé bevat meer dan 50% chardonnay. R de Ruinart Brut Rosé Millésime bevat meer dan 50% chardonnay en is gemaakt van druiven uit één bepaald jaar.
Het domein De wijngaard Maison Ruinart bezit en beheert twee historisch percelen. Het eerste perceel is een 7 hectare wijngaard bij Sillery, aan de voet van la Grande Montagne. Het tweede perceel heeft een oppervlakte van ongeveer 40 hectare en ligt in Taissy (Marne), geclassificeerd als Premier Cru binnen de Montagne de Reims. Deze wijngaard bestaat voornamelijk uit chardonnay (20 ha) en pinot meunier (20 ha), met wijnstokken die variëren in leeftijd van circa zes tot tweeëntwintig jaar . De grond is typisch krijthoudend – een belemnietenklei die warmte vasthoudt en goed water afvoert, wat karakteristieke frisheid en finesse in de druiven bevordert .
In het verleden werd van de druiven in de Clos d'Adélaide d'Estrees, een wijngaard bij Sillery een bijzondere champagne, de Ruinart Clos de la Maréchale gemaakt.
Sinds 2014 draagt de wijngaard het keurmerk Viticulture Durable en Haute Valeur Environnementale (HVE), en sinds 2020 wordt er geheel zonder herbiciden gewerkt . Daarnaast is Ruinart in 2021 begonnen met een ambitieus ‘vitiforestry’-pilotproject in samenwerking met Reforest’Action. Dit project beoogt de monocultuur te doorbreken door agroforestry-technieken toe te passen: de aanplant van heggen, bomen en struiken rond en doorheen de wijngaard, verspreid over 4,4 km haag en 800 m² islets, met als doel rond 2023 zo’n 20.000 bomen en struiken aan te planten. Belangrijke inheemse soorten zijn het winterlinde, het haagbeukje, de meidoorn, kornoelje, beuk, wilg, lijsterbes, spindelstruik, en zwarte els.
Deze ecologische ingreep creëert natuurlijke corridors die insecten (zoals lieveheersbeestjes en gaasvliegen), vogels en vleermuizen aantrekken, die helpen bij plaagbeheersing en bodemgezondheid . De beplanting biedt tevens windbescherming, wat het risico op late vorst vermindert, en stimuleert de bodemdiversiteit dankzij bodembedekkers en bloemenstroken . Sinds 2008 is het gebruik van pesticiden met 50 % verminderd door precieze weersstations en geïntegreerde gewasbescherming .o
Ruinart positioneert dit vitiforestry-initiatief expliciet als reactie op klimaatverandering en verlies aan biodiversiteit, en het dient als modelproject binnen de Champagne-regio.
Volgens directeur Frédéric·Dufour is dit “een van de meest toegankelijke en effectieve oplossingen” voor het herstel van ecosystemen in de Champagnestreek. Lokale autoriteiten en de Comité Champagne worden betrokken bij de opschaling van dergelijke duurzaamheidspraktijken.
19e‑eeuwse gebouwen
Van bij de aankoop van land en crayères, oude krijtgroeven, op een locatie die bekendstaat als Le Moulin de la House in 1768 tot in de 19e eeuw breidde Maison Ruinart zijn aanwezigheid gestaag uit, met als kern een reeks karakteristieke klassieke baksteen- en kalkstenen gebouwen. De U-vormige constructie, ontworpen naar het model van een 19e-eeuwse cavaleriekazerne, werd aangelegd op de restanten van middeleeuwse crayères en aangepast tot productielocatie en bezoekerscentrum.
Het ontwerp – vermoedelijk eind 19e eeuw – volgt klassieke architecturale principes met symmetrische gevels, een zadeldak bekleed met leien en houten dakconstructies, omlijst met zorgvuldig geïntegreerde openslaande deuren en zware eiken balken. De gevels bestaan uit lokale Soissons-kalksteen met sobere natuurstenen omlijstingen rond de vensters en poorten, wat bijdraagt aan de harmonieuze uitstraling die zowel tegen de historische context als tegen de natuurlijke omgeving opvalt.
Binnenin behouden de ruimtes hun authentieke karakter met hoge tongewelven, oorspronkelijke eikenhouten balken en dikke kalkstenen muren. Vooral de open centrale cour – de cour d’honneur – fungeert als symbool van de 19e-eeuwse visie op ruimtelijkheid en onderlinge verbinding van functies voor productie en ontvangst. De sobere, functionele indeling weerspiegelt het industriële en ambachtelijke karakter van toen, maar de lichtinval in de cour geeft tegelijk een ceremonieel tintje.
Belangrijke actoren in de geschiedenis omvatten de familie Ruinart zelf, die vanaf 1830 de crayères uitbreidde, evenals architect Thiérot, die na de verwoestingen van de Eerste Wereldoorlog de faciliteiten restaureerde volgens het oorspronkelijke U-vormige plan champagne. Daarnaast ligt de aanleg van particuliere, representatieve woonhuizen in hetzelfde stedelijk landschap – zoals Hôtel de Brimont door Paul Blondel (1897) – in de milieucontext waarin Ruinart opereerde.