De Nationale Unie was tussen 1925 en 1934 een politieke, rechts-georiënteerde beweging in Nederland, met antidemocratische uitgangspunten. Zij was oorspronkelijk opgericht als studieclub, met als doelstelling de scherpe tegenstellingen tussen de contemporaine politieke partijen te verminderen en tot bezinning op de democratie op te roepen. De Nationale Unie was opgericht door F.C. Gerretson en R.F. Groeninx van Zoelen. Onder Gerretsons voorzitterschap (1932-1934) trad de Nationale Unie met allerhande opkomende groeperingen (waaronder de Algemeene Nederlandsche Fascisten Bond (ANFB) van Jan Baars) in bespreking. Uiteindelijk fuseerde de Nationale Unie met de ANFB tot de Corporatieve Concentratie.

De Nationale Unie is voortgekomen uit een kring van mannen van uiteenlopende politieke overtuiging, die in september 1924 op initiatief van het toenmalige Kamerlid ds. Van der Voort van Zijp voor het eerst bijeen kwam. Na gedurende een half jaar regelmatig besprekingen te hebben gehouden, werd men het in die kring eens over een formulering, die de “Grondstelling” der Nationale Unie werd. In de in 1928 aangenomen statuten der Nationale Unie wordt 1 januari 1925 als de officiële oprichtingsdatum genoemdNIOD Archief.

De Nationale Unie is lastig als eenduidig 'fascistisch' te karakteriseren. Uit haar gelijknamige tijdschrift een relevant citaat: Wij zijn fascist, dat wil zeggen onze denkbeelden komen overeen met het fascisme, in zooverre zijn wij voorstanders van het corporatief staatsbestel. Maar wij zijn anti-fascist in zoover de grondslag van het fascisme etatistisch is, in zoover het fascisme de individu onderwerpt aan de absolute vergoddelijkte staatsidee en dientengevolge o.a. het gezin beschouwt als een orgaan van den staat.

De Nationale Unie was erg vaderlandslievend en had weinig op met buitenlandse extreme ideologieën, zij het linkse of rechtse ideologieën. Zo had de beweging tijdens een openbare vergadering van 14 maart 1933 in het Utrechtse Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen een groot portret van koningin Wilhelmina geplaatst en een Prinsenvlag uitgehangen. Ook hield een van de bekende leden der beweging, professor Carel Gerretson, een toespraak waarin hij inging op de Duitse tariefpolitiek van de nationaalsocialisten die zowel op economisch als politiek vlak nadelige gevolgen had voor Nederland, bracht hij de ernst van het feit dat de Nederlandse nationaalsocialisten een idee van een bijna gedwongen economische unie met Nazi-Duitsland steunden aan het licht en ageerde hij tegen de inmenging van Duitsland in Nederland en Vlaanderen (die via de krant Deutschösterreichische Tagezeitung propageerde voor een hereniging op basis van een "Deutsch-Germanischen block"), maar ook in de Eerste Oostenrijkse Republiek. Hierin riep hij tevens op tot de oprichting van een 'Pan-Europa' en waarschuwde dat het de ondergang van het continent zou betekenen als dit niet gebeurde. Afsluitend onderstreepte hij dat de oplossing tegen de internationalistische sociaaldemocratie niet de 'nationaalsocialistische terreur' was, dat men beide ideologieën zou moeten afkeuren en dat een 'koninklijk kabinet' moest worden opgericht, waarbij een 'welbewuste minderheid' de macht zou grijpen maar nog wel binnen de grenzen van de Grondwet zou werken.

Bekende leden en sympathisanten J.W.G. Boreel van Hogelanden (Vrijheidsbond; voorzitter) M.R.J. Brinkgreve J.M.A.C. van Dongen (RKSP) E.C. van Dorp (Liberale Partij) J.A. Eigeman (Vrijheidsbond) Vice-admiraal J. Th. Furstner F.C. Gerretson (CHU) R.F. Groeninx van Zoelen A.H. baron van Hardenbroek van Ammerstol (Liberale Partij) J.C. Kielstra (ARP) A.A. Mussert (sympathisant Vrijheidsbond) W.M. Westerman (Vrijheidsbond) C. van der Voort van Zijp (ARP)

Categorie:Voormalige Nederlandse politieke partij Categorie:Radicaal-rechtse partij