Gilles Grangier, (Parijs, 5 mei 1911 - Suresnes, 27 april 1996) was een Franse filmregisseur.
Hij verwezenlijkte, alleen al voor het grote scherm, meer dan 50 films. In de jaren vijftig, zijn meest productieve periode, nam hij de regie van 23 films op zich.
Leven en werk De beginjaren in de filmwereld Gilles Grangier ging zichzelf spontaan voorstellen aan de Paramountstudio's in Joinville waar hij als figurant debuteerde. In 1936 greep hij zijn kans wanneer Georges Lacombe hem aannam als assistent voor de opname van zijn film Le Cœur dispose.
Hij werd door zijn vriend, de acteur Noël-Noël, aanbevolen bij de filmproducenten en zo kon hij in 1943 zijn eerste langspeelfilm Adémaï bandit d'honneur draaien. Zijn debuut kreeg heel wat bijval en al gauw werd Grangier een succesrijk regisseur.
1954-1965: de glorieperiode Zijn grootste kassuccessen waren de populaire komedies La Cuisine au beurre (1963), Archimède le clochard (1959) en Les Vieux de la vieille (naar René Fallet, 1960).
Hij probeerde ook drama en misdaadfilm met succes uit. Meestal spelen zijn films zich in het dagelijkse leven af, ze schetsen de zeden, de gewoontes en de levensomstandigheden op een realistische manier. Ze vormen echte sociologische documenten over de jaren vijftig en zestig in Frankrijk. Tot zijn beste werk behoren de sfeervolle verfilmingen van politieromans (of scenario's) van Georges Simenon (Le Sang à la tête, 1956, naar Le Fils Cardinaud) en Maigret voit rouge, 1963, naar Maigret, Lognon et les Gangsters), van Albert Simonin (Le cave se rebiffe, 1961 en Le Gentleman d'Epsom, 1962) en van Auguste Le Breton (Le rouge est mis, 1957). Vermeldenswaardig zijn ook de politiedrama's Gas-oil (1955) en Le Désordre et la Nuit (1958), de dramatische film Danger de mort (misschien wel zijn meest geslaagde film, naar Charles Exbrayat, 1947) en de dramatische komedie L'Âge ingrat (een van de eerste scenario's van Pascal Jardin, 1964).
Vruchtbare samenwerkingen Grangier is de cineast die het vaakst met Jean Gabin samengewerkt heeft. Ze hebben 12 films op hun actief. Voor zijn vertolking in Archimède le clochard ontving Gabin de Zilveren Beer voor Beste Acteur op het 9e Internationaal filmfestival van Berlijn. Andere grote namen als Bourvil, Fernandel, Lino Ventura, Paul Frankeur, François Périer en Arletty werkten meermaals onder zijn regie en werden heel dikwijls vrienden voor het leven.
Michel Audiard was zijn belangrijkste scenarioschrijver. Ze waren prominente vertegenwoordigers van de cinéma de papa, een succesrijke, traditionele filmstroming waarvan de Nouvelle Vague vanaf het einde van de jaren vijftig de oubolligheid op de korrel nam.
Jacques Deray, die later bekendheid zal verwerven met films als La Piscine (1969) en Borsalino (1970) leerde het vak als assistent onder meer bij Grangier.
Jaren zeventig en tachtig: televisie In de jaren zeventig en de prille jaren tachtig ging Grangier meer en meer voor de televisie werken. Deux ans de vacances, een miniserie (1974) naar het werk van Jules Verne was een succesvol voorbeeld dat in het Frankrijk van de jaren zeventig cultstatus verwierf.
Memoires In 1977 schreef Grangier zijn memoires onder de titel Flash-Back. Het zijn autobiografisch getinte geschriften waar hij zo veel mogelijk bescheiden op de achtergrond bleef om voorrang te geven aan 'zijn' vele acteurs en andere medewerkers. Via vele kleine anekdotes deed hij hen herleven in een bijwijlen nostalgische evocatie van een belangrijke periode in de Franse filmgeschiedenis.
Filmografie (lange speelfilms) 1943 - Adémaï bandit d'honneur 1945 - Le Cavalier noir 1946 - Leçon de conduite 1946 - L'Aventure de Cabassou 1946 - Trente et quarante 1947 - Histoire de chanter 1947 - Rendez-vous à Paris 1947 - Danger de mort 1948 - Par la fenêtre 1948 - Femme sans passé 1949 - Au p'tit zouave 1949 - Jo-la-Romance 1950 - Amour et compagnie 1950 - Amédée 1951 - Les femmes sont folles 1951 - L'Homme de joie 1951 - L'Amant de paille 1951 - Les petites Cardinal 1951 - Le plus joli péché du monde 1952 - L'Amour, Madame 1952 - Jupiter 1953 - Faites-moi confiance 1953 - Jeunes Mariés 1953 - La Vierge du Rhin 1954 - Poisson d'avril 1955 - Le Printemps, l'automne et l'amour 1955 - Gas-oil 1956 - Le Sang à la tête 1957 - Reproduction interdite (of Meurtre à Montmartre) 1957 - Le rouge est mis 1957 - Trois Jours à vivre 1958 - Échec au porteur 1958 - Le Désordre et la Nuit 1959 - Archimède le clochard 1959 - 125, rue Montmartre 1959 - Les Affreux (enkele scènes van de film van Marc Allégret) 1961 - Les Vieux de la vieille 1961 - Le Cave se rebiffe 1962 - Le Voyage à Biarritz 1962 - Le Gentleman d'Epsom 1963 - Maigret voit rouge 1963 - La Cuisine au beurre 1964 - L'Âge ingrat 1965 - Les Bons Vivants 1965 - Train d'enfer 1968 - Une cigarette pour un ingénu 1968 - Sous le signe du taureau 1968 - L'Homme à la Buick 1971 - Un cave 1974 - Gross Paris 1975 - Piratii din Pacific (samen met Sergiu Nicolaescu) 1975 - Insula comorilor (samen met Sergiu Nicolaescu) 1982 - Guillaume le conquérant 1985 - Brigade verte
Bibliografie Gilles Grangier: Passé la Loire, c'est l'aventure: 50 ans de cinéma, gesprekken met François Guérif, Terrain Vague - Losfeld, 1989.
Grangier, Gilles